Historie

Historie vanaf 1929

Op 29 mei 1929 aanschouwde D.S.V. het levenslicht. Wat er allemaal voorafging aan de oprichting is te lezen in de bijdrage van de allereerste voorzitter van D.S.V.: dhr. Schreurs.
De initialen D.S.V. staan voor De Snel Voeters. De naam was bedacht door dokter Verbeeck. De duitser Christ Erben, de smidsknecht van Piet Gieben, werd de eerste aanvoerder van DSV. De eigenlijke initiatiefnemer tot de oprichting van de voetbalclub was de ex-Boxmerenaar Frans van Kempen. Eenmaal bijeen in het parochiehuis, koos men een voorlopig bestuur, welke op 8 september 1929 een definitief karakter kreeg.

Funktieverdeling bestuur DSV 1929:

Natuurlijk moest er naar goede katholiek gewoonte een geestelijke adviseur worden aangetrokken. Ferd Pennings en Jan van Raaij werden hierop uitgezonden. Eigenlijk zou Pastoor Van Delft de eerste aangewezen persoon zijn, maar men had liever vicaris Daamen. Gelukkig gaf pastoor Van Delft aan dat het eerder iets was voor vicaris Daamen en zo kwam het precies uit zoals men gehoopt had. Vicaris Daamen had van meet af aan een actieve rol. Eerste eis was, dat de tweede en vierde zondag geen wedstrijden buiten het dorp gespeeld mochten worden in verband met de H. Familie. Verder bepaalde de vicaris wie er lid mocht worden.

DSV 1929-1930 met harmonie
Het eerste veld lag op De Hoef, daar waar het toenmalige startterrein van de motorcross lag. Op de hoeken stond meestal nog heide, want daar kwam bijna nooit iemand, omdat er meer van goal tot goal gevoetbald werd. Het veld bestond uit zwarte aarde. Netten waren er niet en de lijnen moesten door de leden met gele grond netjes worden uitgestrooid en niet te dit. Na een tijdje voetballen zag je er ook niets meer van de lijnen en moest de grensrechter zich oriënteren op de hoekvlaggen. Kleedkamers waren er nog niet. Er werd thuis omgekleed of bij Herman Janssen, het clubhuis van D.S.V., aan de toenmalige Dorpsstraat (nu: Lepelstraat). Commissaris Van de Vorle was de materiaalbeheerder en men kon alleen bij een aantal van zes of meer personen een bal krijgen. Bovendien waren de leden verplicht een schop mee naar de training te nemen en vaak ook mee naar de thuiswedstrijd. Daarmee konden dan de lastige heideplaggen worden weggewerkt.
Het eerste team bestond uit: Frans van Kempen, Harrie Geurts, Herman Janssen, Ferd Pennings en Chris Erben (aanvoerder). De eerste wedstrijd tegen aartsrivaal Overloon werd een overwinning voor D.S.V., 3-1.

DSV door de jaren heen:
1930  D.S.V. telde 106 ereleden. Er werd gevoetbald met 2 teams aan de competitie van de 1e en 2e klasse Maasbuurt. Uitwedstrijden gingen per fiets en verdere locaties met de veewagen van Sjef Vloet. Jan Kerkhof voegt zich bij het bestuur.
1931  Bert Peeters werd de nieuwe voorzitter. De elftalcommissie bestaat uit Piet van Sambeek, Herman Janssen en Egbert Peters. De kas sloot positief af met ƒ 108,06. Er waren 28 leden en 106 ereleden.
1932  Start met het eerste juniorenelftal. De kas heeft negatief saldo van ƒ 35,86. Ledental loopt terug naar 25 leden en 81 ereleden. De contributie ging omhoog van 25 cent per maand naar 10 cent per zondag. De eerste straffen werden binnen de club bepaald. Bij niet opkomen dagen voor een wedstrijd kreeg men 3 maanden schorsing en bij herhaling 1 jaar schorsing. Eerst slachtoffer van deze regeling is J. van Dijk. Er werd een nieuw terrein gehuurd van Handrie van Sambeek, achter de huidige Lepelstraat op het Zandseveld.
1933  Het 1e elftal werd derde in de competitie en het 2e elftal laatste. Er werd een clublied gecomponeerd. Ben van de Vorle en Christ Erben werden uitgenodigd voor het streekelftal, wat een hele eer was. Ferd Pennings werd nieuwe voorzitter. Tonny Goossens is nieuwe secretaris. Hij introduceert nieuwe spelregelboekjes. Niet afmelden kostte nu ƒ 1,-. Tegen betaling gingen D.S.V.-ers als Sint en Piet rond en dat hebben sommige Sint Tunnisenaren goed gevoeld. Christ Erben vertrok dit jaar.
1934  1e Lustrum. Eerst de Heilige Mis en dan in optocht met de harmonie naar het terrein, waar wedstrijden werden gespeeld voor mooie prijzen, welke gesponsord werden door regionale middenstand. Tonny Goossens heeft hiervan een mooi verslag gemaakt.
1935  Herman Janssen werd vice-voorzitter. Lam de Best van Olympia uit Boxmeer werd de eerste officiële trainer. D.S.V. had nu maar 1 seniorenelftal over. Er kwamen echter wel nieuwe namen bij te weten Jan Lomme, Cas Vloet, Marinus Maassen, Harrie Gieben, Wim Reijnen, Joh. Arts, Koos van Bree en Tij Vloet. Het jaarlijks treffen tussen de vaders van de voetballers is gestart en bleek erg succesvol te zijn.
1936  Ledental liep weer op. Er was weer een 2e elftal. Lam de Best oogste succes en kwam in het bestuur, net als Harry van Dinther, terwijl Jan Remmen en Ben van de Vorle eruit traden. Harrie Toonen brak zijn arm tijdens een wedstrijd en moest hiervoor 30 maal naar Utrecht. Hiervoor werd een benefietwedstrijd gehouden om de zaak te bekostigen.
1937  Het 2e elftal wordt kampioen, 1 jaar na oprichting. Piet van Sambeek komt in het bestuur. Geestelijke verzorger Vicaris Daamen, welke afgelopen jaar ook voetbaladviezen gaf, werd opgevolgt door Vicaris Van den Heuvel. Trainer Tol (uit Volendam) werd aangetrokken voor 12 trainingen, kosten ƒ 36,-. (!!)
1938  Het 2e elftal wordt wederom kampioen.
1939-1940  De oorlogsdreiging nam steeds grotere vormen aan. Het 10-jarig bestaan werd sober gevierd. Meer dan de helft van de leden moest onder de wapenen. Ben van de Vorle en Jos Smolders vielen in de strijd. Door te weinig spelers kon men pas in 1940 weer aan de competitie meedoen.
1941  Omdat de harmonie weigerde zich aan te sluiten bij de Kulturkammer, hief zij zich zogenaamd op. De voetbalclub nam toen het jaarlijks toneelspel voor haar rekening. In de oorlogsjaren werd er weinig gevoetbald, maar hield men het veld in goede conditie. Er hoefde geen contributie betaald te worden. Het 12,5 jarig bestaan werd gevierd en Vicaris Haerkens werd de nieuwe adviseur.
1942  Nieuw terrein in bezit, tegenover Helm Dekkers, ongeveer waar nu de Kleine Beekstraat is. Nieuwe leden, waaronder de generatie Reijnen (o.a. Karel Reijnen) en Hofmans. Lam de Best stapt uit bestuur en maakt plaats voor Jan Lomme. Wederom voorzichtig begonnen met contributie innen: 30 cent per maand.
1943-1944  Het wordt wederom stil. Er zijn geen activiteiten. Helaas het trieste bericht, dat Tonnie Goossens is overleden.
1945  De herleving. Met 37 leden en 156 donateurs begint D.S.V. op 16 mei 1945 aan de wederopbouw van de club. Na de oorlog was het behelpen. Ballen en voetbalschoenen waren op de bon. Jan Lomme en Tij Vloet gingen op de BSA naar Den Haag en deden een briefje in de bus van het bondsbureau. Enkele dagen later ontving men de bonnen voor de ballen. Jan Lomme geeft lichamelijke oefening en politieman H. Agterberg geeft theorie. Het bestuur bestaat uit: H. Janssen, P.van Sambeek, F. Pennings, J. Lomme en Lam de Best is weer terug. Jo de Jong studeert met de leden het nieuwe clublied in. D.S.V. greep dit seizoen de titel in de 1e klasse Maasbuurt.
1946  Piet van Sambeek wordt voorzitter. De club krijgt bij weduwe Van Dijk een nieuwe clubhuis.
1947  Vanwege droogte mag er niet worden getraind. R. van Loosbroek sneuvelt in Indonesië. Er wordt maandelijks geschreven naar onze jongens in Indonesië.
1948  Maandelijkse vergadering werd 3-maandelijkse vergadering. D.S.V. wil naar 4e klas K.N.V.B. en leunt daar tegenaan. D.S.V. 1 wordt kampioen, maar nog net weer geen promotie. Promotiewedstrijd tegen D.V.G. uit Liempde werd niet gewonnen.
1949  D.S.V. werd wederom kampioen in de 1e klasse Maasbuurt. Promotiewedstrijd thuis werd gewonnen van Constantia uit Wanroij. Maar in de dubieuze wedstrijd in Wanroij werd verrassend verloren.
1950  D.S.V. 1 kampioen en promoveerde naar de vierde klasse K.N.V.B. door winst op Boxmeer (0-1), door doelpunt van Tontje van de Vorle. Voorafgegaan door de harmonie, was er een feestelijke rondgang door het dorp. D.S.V. speelde een belangrijke rol in de 4e klasse en werd bijna kampioen. Piet van Sambeek treedt af en wordt erelid. Jan Bellemakers volgt hem als voorzitter op. Lou van Dooren en Bert Kleuskens completeerden het bestuur.
1951  D.S.V. eindigde derde van onderen in de vierde klasse en won tijdens het toernooi De Zilveren Bal in Oeffelt. Ferd Pennings trad uit bestuur en kreeg erelidmaatschap. Brand door met vuur spelende kinderen zette kleedlokaal, met daarin shirts, doelnetten e.d. in brand. Clublied De Bal deed zijn intrede.
1952  Gerrit van Heijster treedt af door benoeming in Renkum. D.S.V. 1 eindigt in district Zuid II als 5e, D.S.V. 2 wordt 3e en de junioren behalen de tweede plaats. Sjang Raaijmakers treedt af als jeugdleider. De Zilveren Bal wordt in Oeffelt definitief gewonnen. D.S.V. 2 verliest van Stevensbeek om de Toon Schröderbeker. Het eerste elftal krijgt nieuwe shirts. Piet van Sambeek, samen met Cees Goossens komen bij het bestuur.
1953  Theo van Dijk, succesvol speler, overleden. Het eerste elftal maken de gebroeders Reijnen en Hofmans furore. Het kon gebeuren dat Karel, Louis (Wiek), Harrie (Spits), Jan en Sjef Reijnen in hetzelfde elftal stonden. Datzelfde gold ook voor de Koos, Gerrit, Sjef, Arie, Piet en Antoon Hofmans. Het juniorenelftal wordt kampioen. Het 1e werd vierde in Zuid II en het 2e elftal werd tweede.
1954  D.S.V. viert 25 jarig jubileum. Het 3e elftal wordt kampioen. Piet Hofmans kwam in het bestuur. De jeugdcommissie wordt in het leven geroepen, om vooral te bekijken of junioren konden worden ingezet bij seniorenwedstrijden.
1955  D.S.V.1 behield de 4e klasse Zuid II en D.S.V.2 ontging met slechts één punt verschil het kampioenschap. Het A-juniorenteam was zeldzaam goed elftal en werd kampioen van de sectie Boxmeer. In de strijd om de Bisschopsbeker werd Overloon gekneveld en maar in de volgende ronde werd het door J.V.C. Cuijk geklopt. Om het kampioenschap van Brabant werd dit A-elftal door Boxmeer de voet dwars gezet. Bedenk hierbij, dat Cuijk en Boxmeer hogerspelende teams waren. DSV ledenaantal groeide naar 78 leden (60 senioren en 18 junioren).
1956 Ledenaantal kent 100 leden, wat tot gevolg had dat er door 5 elftallen aan de competitie deelgenomen werd. Jan Bellemakers trad af als voorzitter en Jan Lomme werd eerst waarnemend en later definitief voorzitter. D.S.V. verloor het vierde-klasserschap. D.S.V.2 werd 2e en D.S.V.3 werd 3e. Het clubblad ging dit jaar ter ziele, waarvoor D.S.V. ƒ200,- erfde.
1957-1958 In Sint Anthonis is het feest, viering 1600ste verjaardag van het overlijden van de Heilige Antonius Abt. Ter gelegenheid hiervan organiseerde D.S.V. een toernooi. Groep 1 speelden de 4e klassers K.N.V.B. en 1e klasse Noord-Brabant: Prinses Maria (Beugen), Constantia (Wanroy), Hapse Boys en D.S.V. In groep 2: Toxandria (Rijkevoort), De Willy's (Wilbertoord), Sambeek en D.S.V.2. Het eerste team liet zien dat men de 4e klassers nog kon verslaan en won het toernooi. Met Jan van Tienen als nieuwe trainer, begon D.S.V. aan de competitie. En goed ook. Vanaf de eerste aftrap was D.S.V. 1 niet te stuiten. Men werd kampioen en promoveerde naar de 4e klasse, en nu in regio Zuid 1.
DSV Kampioen 1957-1958
De gemeente gooide er een nieuwe veld tegenaan en men verhuisde tijdelijk naar een noodterrein tegenover Helm Dekkers. Dit terrein was echter zo slecht, dat de promotiewedstrijden van het eerste team in Boxmeer werden gespeeld. Thoon Thielen, een gerenomeerd D.S.V.-er, werd dat jaar ziek en Gerrit Sommers nam de voetbalpooladministratie over. Geestelijk adviseur Vicaris Haerkens vertrok en zijn opvolger was Vicaris Peeters. 

De Historie-pagina is nog in ontwikkeling en wordt dus nog aangevuld.

(Bron: Jubileumboek DSV 1929-1979)